Hondenweetjes, deel 2

Inhoud

  1. Alleen thuisblijven
  2. Hotspot

 

1. ALLEEN THUISBLIJVEN

In dit Hondenweetje iets meer over een probleem waar veel van onze honden natuurlijk toch zo af en toe mee te maken krijgen. En dan hebben we het over het alleen thuis moeten blijven. Honden zijn groepsdieren en zijn van nature graag bij hun groepsgenoten. Onze huishonden moeten echter regelmatig alleen thuis blijven. Dit hoeft op zichzelf geen probleem te zijn, maar het moet de hond wel eerst geleerd worden om af en toe alleen thuis te zijn. Hij moet leren het vertrouwen te hebben dat jullie altijd weer terug zullen komen. Als je aan dat leren te weinig aandacht besteedt, dan bestaat de kans dat de hond, als ie alleen thuis moet blijven, gaat blaffen of misschien gaat vernielen of zelfs onzindelijk wordt je hem te lang alleen laat.

Jong geleerd

Als je een pup hebt is het belangrijk om al op jonge leeftijd te beginnen met oefenen. Als je een nieuwe, maar wel al volwassen hond hebt, is het verstandig om voorzichtig te bekijken of de hond wel of niet alleen kan zijn. En dan kan het zijn dat de hond bij zijn vorige baasje wel goed alleen kon zijn, maar dat de nieuwe omgeving maakt dat hij of zij het opnieuw moet leren. Bijvoorbeeld omdat alleen blijven in een nieuwe omgeving altijd meer stress met zich mee brengt. Ook bij jou zal de hond dan moeten leren om alleen te zijn en dus is het belangrijk om het alleen laten langzaam op te bouwen

Individuele en rasverschillen

Er is veel verschil in hoe vervelend honden het vinden om alleen te moeten blijven. Dit kan een eigenschap van het ras van de hond zijn: gezelschapshonden vinden het vaak erger om gescheiden te zijn van hun baas dan bijvoorbeeld veehoeders, die gefokt zijn om zelfstandig te werken. Ook binnen rassen zijn er verschillen. Kijk dus altijd naar je hond en hoe deze reageert en stem daar de training op af. Bij de ene hond zal het leren veel sneller gaan dan bij de andere. De hierna volgende opbouw geldt voor honden die nog niet geleerd hebben om alleen te blijven, zoals pups.

Opbouwen

Bij het leren alleen zijn is het heel belangrijk dat je de oefening langzaam opbouwt. Het is namelijk de bedoeling dat de hond het vertrouwen krijgt én houdt dat je altijd terugkomt en dat het niet nodig is om nerveus te worden. Laat je je hond in het begin te lang alleen, dan zal hij zich onrustig gaan voelen en bang worden dat je niet terugkomt. Het vervelende gevoel dat hij dan heeft, zal hij gaan koppelen aan het alleen zijn. Het gevolg is dat hij voortaan steeds als hij alleen moet blijven, ook al is het maar even, dat gevoel weer krijgt. Hij is het vertrouwen kwijt dat je snel weer terugkomt. Dit moet je voorkomen omdat het erg moeilijk is om dat vertrouwen weer terug te krijgen. Je moet dan eigenlijk helemaal opnieuw beginnen met oefenen. Het is dus belangrijk om niet te snel te willen gaan. Je hond en hoe moeilijk die het vindt om alleen te zijn, bepaalt dus eigenlijk het tempo.

Wanneer kun je het beste oefenen?

Het is belangrijk om niet te oefenen met alleen blijven op momenten dat je hond vol energie zit. Een beter moment is als hij wat moe is omdat hij bijvoorbeeld net goed is uitgelaten of moe is van het spelen. Hij zal dan veel sneller rustig blijven liggen op zijn eigen plek.

Zelfstandig maken

Een belangrijke voorbereiding voor het alleen thuis kunnen blijven ervoor te zorgen dat je hond zelfstandig is. Honden die constant in huis achter hun baasje aanlopen, zijn er zo aan gewend dat de baas altijd in de buurt is dat het vaak extra moeilijk is als die even weg moet. Leer de hond dus om ook terwijl je thuis bezig bent, rustig in de kamer of op zijn eigen plek te blijven liggen. Dit oefen je eerst terwijl je in dezelfde kamer bent als je hond. Daarna kun je de kamer zelf ook even verlaten. Geef je hond een kluifje of speeltje zodat hij bezig is terwijl jij kort de kamer verlaat en kom dan weer terug voor hij daarmee klaar is. Als dit goed gaat, kunt je voorzichtig de tijd dat je de kamer uit bent wat opbouwen. Zorg er daarbij voor dat je de tijd niet alleen maar langer maakt maar tussendoor ook eens snel terug komt. Het niet bij je hond zijn wordt op die manier voor je hond natuurlijker. Het gaat er bij horen.

Beneden slapen.

Als je hond benden slaapt en jij boven, lijkt het alsof je hond eigenlijk al gewend is aan het alleen zijn. Maar daar kun je je op verkijken. Ook al gaat het beneden alleen slapen prima, dan kan het toch zijn dat hij overdag moeite heeft met alleen zijn. Het naar bed gaan is voor je hond een hele duidelijke context en veel honden hebben snel in de gaten dat je niet echt weg bent. Bovendien zijn ze dan moe en al snel wennen ze eraan dat dit een dagelijks terugkerend ritueel is. Het is heel anders voor hem als je overdag weg gaat.

Uit huis

Als je je hond rustig een tijdje alleen kunt laten terwijl je ergens anders in huis bent zonder dat hij zich daar druk om maakt, kun je beginnen met oefeningen waarbij je ook echt het huis verlaat. Bouw ook dit voorzichtig op: eerst doe je alleen de voordeur open en weer dicht. Later stap je heel even naar buiten. Maak de tijd dat je weg bent steeds een paar tellen langer. Kun je eenmaal een minuut wegblijven, dan kun je iets grotere stappen gaan nemen.

Geef een ‘zo terug’ teken

Het kan helpen als je op het moment dat je weggaat een vaste, korte zin zegt, bijvoorbeeld: ‘tot straks’. De hond leert dan tijdens de oefening dat als je dat zegt, je weliswaar even weg bent maar ook dat je op tijd weer terug bent.

Twee belangrijke regels

Tijdens de hele training zijn er twee belangrijke dingen om op te letten:

  • Kom op tijd terug en maak de tijd dat de hond alleen blijft niet langer dan hij aankan. Dat betekent dat je niet ineens een uur kunt gaan winkelen als je hond pas tien minuten alleen was gebleven in de training. De kans is dan groot dat hij alsnog bang wordt en dan moet je weer helemaal van voor af aan beginnen bij een paar tellen alleen. In zo’n geval is het dus verstandig om een oppas te regelen.
  • Bent je toch te lang weggebleven of lukt het even niet en is je hond gaan blaffen, janken of bijvoorbeeld aan de deur aan het krabben, dan mag je op dat moment niet binnenkomen. De hond zou dan namelijk leren dat zijn gedrag succes heeft en voortaan steeds gaan blaffen of krabben als hij wil dat je terugkomt. Wacht tot hij stopt. Eventueel kun je een geluid maken wat hij niet verwacht, en waarvan hij niet weet dat jij het bent, om zijn gedrag te doorbreken (maar niet iets waar hij van schrikt, want dat maakt het alleen zijn nóg vervelender!). Klap bijvoorbeeld in je handen. Pas aIs hij even rustig en stil is, ga je naar binnen. Straf de hond nooit voor zijn gedrag. Hij is nerveus, en als je dit gaat straffen wordt dat alleen maar erger.

Hoe weet je of je hond het vervelend vindt als je weg bent?

Honden die bang zijn om alleen te blijven, zullen vaak blaffen, piepen, plassen of slopen. Maar soms is het geblaf al gestopt omdat je hond je auto de straat in hoort rijden en denk je dat je hond er geen problemen mee heeft, tot je van de buren hoort dat hij tekeer is gegaan. Hoe weet je nu of het goed gaat tijdens het oefenen? Je kunt bijvoorbeeld een voice-recorder aanzetten als je aan het oefenen bent. Zo kun je horen of hij blaft of zachtjes piept. Wat je ook kunt doen is je hond iets lekkers geven en kijken of hij het heeft opgegeten. Een hond die bang is, zal niet eten.
Als je een videocamera hebt, kun je die natuurlijk ook aanzetten en naar het gedrag van je hond kijken. Voor zolang die natuurlijk als filmster wil optreden en in beeld blijft. Gaat je hond rustig liggen? Of ijsbeert hij heen en weer, al hijgend? Hijgen, steeds van positie wisselen (staan, liggen, zitten), niet eten, krabben aan deuren of vloer, slopen, plassen, piepen, janken en blaffen zijn tekenen dat je hond het vervelend vindt om alleen te zijn.

Oorzaken van niet alleen thuis kunnen blijven bij volwassen honden

Als je een volwassen hond hebt die altijd goed alleen kon blijven, kan het gebeuren dat dat plotseling niet meer lukt. Dat kan verschillende oorzaken hebben zoals bijvoorbeeld:

  • Je hond hoefde een hele tijd niet alleen thuis te blijven. Toen dit wel weer nodig was, is het niet opnieuw opgebouwd. Je kunt bijvoorbeeld denken aan situaties na vakanties of als je een periode veel thuis gewerkt hebt.
  • Je hond heeft iets engs of vervelends meegemaakt toen hij alleen was (bijvoorbeeld onweer).
  • Er is een plotselinge verandering van omstandigheden. Bijvoorbeeld als je verhuisd bent.
  • Oudere honden kunnen ineens problemen gaan krijgen met het alleen blijven, doordat er veranderingen in de hersenen plaatsvinden (zoals dementie).
    Bron: licg.nl

terug naar boven

2. HOTSPOT

In dit Hondenweetje deze keer de hotspot als onderwerp. Veel mensen hebben er wel eens van gehoord, maar weten eigenlijk niet precies wat het is. En natuurlijk hebben we het vooral over wat je eraan kunt doen. Daarover meer in dit Hondenweetje.

Wat is eigenlijk een hotspot? Een hotspot is een vochtig eczeem dat binnen enkele uren na regelmatig krabben of likken van een huidplek kan ontstaan. De oorzaak van heftige likken of krabben is enorme jeuk. Jeuk kan ontstaan na bijvoorbeeld vlooien- en tekenbeten, met name wanneer de kop van de teek achterblijft.

Hoe ziet en hotspot eruit?

Een paar plaatjes van hotspots om het makkelijker te maken een hotspot bij je eigen hond te herkennen.

Beschrijving: Hotspot  Beschrijving: Hotspot  Beschrijving: Hotspot            

Symptomen van hotspot

  • de hond gaat flink krabben
  • de hond wil soms niet eten en heeft koorts
  • bij nadere inspectie ziet je een natte plek in de vacht
  • Na het wegscheren van wat haar zie je een vuurrode huid die bovendien bedekt is met een gele etter laag. Dit is een vochtig eczeem dat binnen enkele uren na het krabben/en of likken van een huidplek kan ontstaan.

Overgevoeligheid

Bij een hond die overgevoelig reageert op vlooienbeten (een vlooienallergie) ontstaan na de beet jeukende bultjes. De hond gaat hieraan bijten, likken of krabben. Hierdoor wordt de huid beschadigd. Er ontstaat een vicieuze cirkel: jeuk leidt tot krabben en dat leidt weer tot verdere huidbeschadigingen waardoor een ontsteking met nog meer jeuk (en meer krabben) ontstaat. Hierdoor kan binnen een uureen natte vochtige plekontstaan onder de haren die alle kenmerken van een ontsteking vertoont; de huid is rood, warm, gezwollen en pijnlijk. Later ontstaat een rode, kale plek waarop een laagje etter gevormd wordt, dat kan indrogen tot een korst. De meest voorkomende plaatsen voor hotspots als gevolg van een vlooieninfectie of -allergie zijn de achterhand van de hond, op het kruis, de staartbasis of op de dijen. Als de hond last heeft van oormijt, is dit met name bij de wangen en op de kop.

Behandeling

Als je een hotspot ontdekt bij je hond, is het belangrijk om meteen actie te ondernemen. Je doet er natuurlijk altijd goed aan om een dierenarts te raadplegen. Het is namelijk belangrijk om er achter te komen wat de oorzaak is van al dat krabben en likken. Door de vacht weg te knippen en/of te scheren krijgt de dierenarts beter zicht op wat er aan de hand kan zijn. Het kan erg lastig zijn om de hotspot te scheren, omdat de plek natuurlijk erg gevoelig is. Soms is de ontsteking zo heftig, dat de toediening van antibiotica noodzakelijk is. Als de oorzaak van de enorme jeuk gevonden is, moet die natuurlijk ook behandeld worden

Voorkomen is beter dan genezen!

Om het ontstaan van hotspots te voorkomen is het natuurlijk goed om in het voorjaar en de voorjaar en zomer aan vlooien- en tekenpreventie te doen. Hou er daarbij wel rekening mee dat bij honden die regelmatig zwemmen de werking van vlooienbestrijdingsmiddelen sneller kan verminderen. Je zult dan vaker een nieuwe vlooien/tekenband moeten gebruiken om je hond goed te beschermen.

Bronnen: medpets.nl / hondenpage.com

terug naar boven